Het rollend jaargemiddelde van de Nederlandse koeien in de mpr kwam afgelopen boekjaar – dat liep van 1 september 2025 tot en met 31 augustus 2026 – uit op 9.935 kg melk met 4,48% vet en 3,66% eiwit. Bij elkaar opgeteld is dat 809 kg vet en eiwit, goed voor een economisch jaarresultaat van 3.177 euro. In vergelijking met vorig boekjaar is dit een stijging van de melkproductie met 567 kg, een gelijkblijvend vetgehalte, een 0,02% hoger eiwitgehalte en 48 kg extra vet en eiwit. Het economisch jaarresultaat over dit jaar is niet vergelijkbaar met dat over vorig jaar vanwege andere wegingsfactoren in de berekening.
Nederlandse koeien produceerden gemiddeld 567 kg meer melk in boekjaar 2025-2026

De gemiddelde melkproductie van de koeien in Nederland is in het boekjaar 2025-2026 gestegen naar 9.935 kg. Het vetgehalte bleef gelijk en het eiwitgehalte steeg licht. Ook de levensproductie bij afvoer nam weer toe. Het aantal koeien dat levensproducties realiseerde van 100.000 kg melk en 10.000 kg vet en eiwit, groeide afgelopen boekjaar harder dan ooit.
Dit komt naar voren uit de jaarstatistieken van de melkproductieregistratie (mpr) van Coöperatie CRV, die vandaag zijn gepubliceerd.
Melkproductie steeg met 567 kg
186 tientonners meer dan vorig jaar
De gerealiseerde levensproductie van de afgevoerde stamboekkoeien was in het afgelopen boekjaar gemiddeld 38.126 kg melk met 4,43% vet en 3,60% eiwit. Dat is 149 kg melk, 0,01% vet en 0,01% eiwit meer dan in het boekjaar 2024-2025. Daarmee nam de levensproductie, uitgedrukt in kilogrammen vet en eiwit, toe met 22 kg naar 3.062 kg.
Het aantal Nederlandse koeien dat een levensproductie van meer dan 100.000 kg melk en 10.000 kg vet en eiwit realiseerde, steeg opnieuw fors. Afgelopen boekjaar kon CRV in totaal 6.145 Nederlandse honderdtonners en 678 Nederlandse tientonners bijschrijven. Dat waren er respectievelijk 539 en 185 meer dan in het vorige boekjaar.
Aantal mpr-bedrijven met 4,1 procent gedaald
In Nederland waren er in het afgelopen boekjaar nog 10.645 gerangschikte mpr-bedrijven. Dat waren er 451 minder dan in het boekjaar 2024-2025, ofwel een daling van 4,1 procent. Per bedrijf werden gemiddeld 119 koeien gemolken, twee meer dan in het vorige boekjaar.
Net geen 8.500 kg vet en eiwit levensproductie voor koploper
De lijst van bedrijven met de hoogste levensproductie van de aanwezige koeien wordt voor het zesde jaar op rij aangevoerd door Arie Jan Rosegaar uit Pesse. Zijn zestien koeien waren gemiddeld elf jaar oud en hadden een levensproductie op de teller van 112.037 kg melk met 4,18% vet en 3,40% eiwit, resulterend in 8.499 kg vet en eiwit.
Met afstand op de tweede plaats volgen de eenentwintig koeien van de familie Schakel uit Giessenburg. Ze waren gemiddeld zeven jaar en zes maanden oud en hadden een levensproductie gerealiseerd van 4.840 kg vet en eiwit, dankzij 59.224 kg melk met 4,50% vet en 3,67% eiwit.
De derde plek is dit jaar voor maatschap Blom-Jansen uit Leuvenheim, die zeventien koeien molk met een gemiddelde levensproductie van 53.940 kg melk met 4,74% vet en 3,70% eiwit (4.552 kg vet en eiwit).
Negen bedrijven met meer dan 6.000 kg vet en eiwit bij afvoer
Negen bedrijven realiseerden dit jaar een gemiddelde levensproductie bij afvoer van meer dan 6.000 kg vet en eiwit.
De lijst wordt aangevoerd door maatschap Van Leeuwen-de Jong uit Kamerik. Deze veehouders voerden afgelopen boekjaar tien koeien af met een gemiddelde leeftijd van negen jaar en zes maanden en een gemiddelde levensproductie van 76.610 kg melk met 4,77% vet en 3,83% eiwit, resulterend in 6.585 kg vet en eiwit.
De tweede plek is voor vof Rijfkogel uit Zwartsluis. De elf afgevoerde koeien van dit bedrijf waren twaalf jaar en drie maanden oud en tekenden voor een levensproductie van 6.462 kg vet en eiwit.
Op de derde positie in de lijst van de hoogste levensproductie bij afvoer komt melkveebedrijf Van Veen uit Bodegraven met twaalf afgevoerde koeien met een levensproductie van 6.355 kg vet en eiwit. Dit bedrijf staat op de zesde plaats in de rangschikking op levensproductie van de aanwezige koeien, met een gemiddelde van 4.003 kg vet en eiwit.
Cijfers individuele bedrijven niet openbaar
De afdeling stamboek van Coöperatie CRV maakt geen cijfers openbaar van individuele koeien en bedrijven, met uitzondering van de tien hoogste bedrijven voor levensproductie. Veehouders krijgen hun eigen cijfers op papier en kunnen daarop ook zien hoe hun bedrijf op rollend jaargemiddelde scoort ten opzichte van collega’s. Daarnaast kunnen veehouders hun eigen cijfers inzien via hun Mijn CRV-account op een afgeschermd deel van de website van Coöperatie CRV.
